Afgestaan ter manumissie Kemper inzake Johannes (1810)

En hebben welgem. Heeren gecommitteerden tot ‘sLands Grond de Uitkyk aan den Hove te kennen gegeven dat zich by hun Ed. Achtb. hadden geaddresseerd de volgende Personen met verzoek omme insgelijks uit de Slaven magt des gemelden Gronds Uitkyk eenige Slaven overteneemen om die vervolgens Vry te geven als: (…). [De heer] Kemper voor het Mestice Kind Johannes, Zoontje van evengenoemde Mulatin Regina [zie verzoek voor Regina], welke verzoeken zy Heeren gecommit. vermeenden dat zoude kunnen werden geaccordeerd. Het gunt gehoord en Heeren gecomm. voornoemd voor de kennisgeving en Consideratien bedankt zynde, is goed gevonden en verstaan hun Ed. Achtb. te authoriseeren zo als gedaan worden by deze omme uit de Slaven magt van ’s Lands Grond de Uitkyk tegens behoorlyke prisatie en onder de conditie van dezelve by Eerste Sessie van dezen Hove Vry te geven overtegeven en aftestaan, (…) te weten aan Kemper het Mestice Kind Johannes, Zoontje van evengenoemde Mulattin Regina. En zal hier van Heeren gecomm. voornoemd worden Extract gegeven.


Auteur: John Sang-Ajang
Bron: NAN 1.05.10.01, 593: vergadering Hof van Politie en Criminele Justitie dd 25 juni 1810, pagina 20 (scan 76).